Zoek je verblijf
Kamperen
Huren

1931 -  Almelose korfballers in Bakkum

Een groep enthousiaste korfballers uit Almelo. Waaronder Gerrit Essink en zijn vriend Geert Lugt, besloten in de zomer van 1931 een reisje te gaan maken. Zij speelden bij de Almelose Korfbal Club (AKC). Toen ieder zo’n 20 gulden bijeen had werden in mei van dat jaar spijkers met koppen geslagen. Het zou een kampeerreisje worden op het Provinciaal Landgoed in het Noord-Hollandse Castricum.

Op 11 juli 1931 reisde het gezelschap eerst per trein van Almelo naar Amsterdam-Centraal, waar werd overgestapt op de ‘elektrische boemel’ naar Castricum. Daar werden de fietsen opgehaald en de koffers opgepakt. Even de weg gevraagd, en na een kwartiertje fietsen bereikte men het kampeerterrein. De vooruitgestuurde bagage (voornamelijk de tenten) was al aangekomen.

HuisjeKooilaan-2

HuisjeKooilaan-1

Een tenthuisje zoals vroeger op Camping Bakkum

Bij een boer die een kleine kilometer verderop aan de Zeeweg woonde werd stro opgehaald. Luchtbedden waren kennelijk nog niet uitgevonden, laat staan slaapmatjes. Maar enig basaal ligcomfort werd wel op prijs gesteld. Na stevig onderhandelen werden ongeveer 25 bossen stro á 20 cent (in plaats van de gevraagde 25 cent) gekocht en naar de tenten gebracht.

Tijdens hun vakantie bezochten de korfballers natuurlijk het nabije strand. Verder bezochten ze Egmond, IJmuiden (de haven en de Zuiderpier), Alkmaar (de kaasmarkt) en Amsterdam.

Na een week was de vakantie voorbij. Over Heemskerk en Zaandam fietsten ze naar Amsterdam. Daar stapte men ’s avonds op de nachtboot naar Zwolle. Over de Zuiderzee dus, want de Afsluitdijk was nog niet klaar. De volgende ochtend – het was inmiddels 19 juli – kwam de boot omstreeks 6 uur in Zwolle aan, waarna de laatste etappe naar Almelo per fiets werd afgelegd.

Tijdens deze vakantie had Gerrit Essink er natuurlijk geen idee van dat hij een paar jaar later (in 1934) op een vakantiereis naar Tirol (Oostenrijk) Trien Stroomer zou ontmoeten, die toen in Wormerveer woonde in een huis aan de Zaan. Met haar trouwde hij in 1938. Ze gingen wonen in Almelo. Daar werd in 1942 hun zoon Karel geboren.

Ook zoon Karel Essink heeft zijn voetstappen gezet op het terrein van Camping Bakkum. Dat moet ongeveer in 1952 zijn geweest. Hij was toen 10 jaar. Zijn vader Gerrit leefde toen al niet meer; hij overleed in 1945. Moeder Trien en zoon Karel kwamen vanuit Almelo op vakanties vaak in Noord-Holland. Er werd dan vaak gelogeerd bij familie op een boerderij in Stompetoren, of bij Triens broer in Haarlem, of bij een neef in Bergen. Eén zomer werden zij uitgenodigd om naar Camping Bakkum te komen waar Triens schoolvriendin Alie van Fucht met man en kinderen een tenthuisje had gehuurd. Daar konden Trien en Karel nog wel bij. Deze tenthuisjes werden elk jaar opnieuw opgebouwd. Vloer en wanden waren van hout, het dak van zeildoek. Karel herinnert zich dat bij daar in een stapelbed vlak onder het zeildoeken dak sliep.

Op 15 september 2020 trouwden Karels zoon Lars Essink en Roos Godthelp in restaurant Het Ruiterhuys in Bakkum-Noord. Ze wonen sinds dat voorjaar in Castricum.

Camping Bakkum en de plaats Bakkum spelen dus al bijna 90 jaar een rol in het leven van de familie Essink.

Dank voor jullie mooie verhaal familie Essink!